RECENTE RECHTSPRAAK VAN HET HOF VAN JUSTITIE ZET DE RECHTSGELDIGHEID VAN TAL VAN STEDENBOUWKUNDIGE VERORDENINGEN OP DE HELLING

Op heden maakt het Vlaams omgevingsrecht een onderscheid tussen maatregelen betreffende de ruimtelijke ordening en stedelijke bouwvoorschriften. Uitsluitend maatregelen betreffende de ruimtelijke ordening worden onderworpen aan de plan-milieueffectenrapport-plicht (vanaf nu: plan-MER-plicht).  De artikelen 2 en 3 van de strategische milieubeoordelingsrichtlijn (vanaf nu: SMB-richtlijn) dd. 27 juni 2001 voorzien echter niet in dergelijk onderscheid en onderwerpen alle ‘plannen en programma’s’ aan de plan-MER-plicht.

In het kader van een procedure betreffende de geldigheid van een besluit van de regering van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest dd. 12 december 2013 m.b.t. de goedkeuring van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening (perimeter Wetstraat), stelde de Raad van State eind 2016 een prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie. De Raad wenste te vernemen of voormelde Brusselse stedenbouwkundige verordening een ‘plan of programma’ in de zin van de SMB-richtlijn uitmaakt.

In een arrest dd. 7 juni 2018 (C-671/16) oordeelde het Hof van Justitie dat de betreffende stedenbouwkundige verordening inderdaad als een 'plan of programma' in de zin van de SMB-richtlijn kan worden beschouwd. Bijgevolg moet de vaststelling van dergelijke stedenbouwkundige verordening in beginsel worden voorafgegaan door een plan-MER.

De impact van dit arrest is groot. Op basis van voormeld arrest kan worden verwacht dat voor een groot aantal verordeningen – inzonderheid de in tal van steden geldende bouwcodes – rechtsonzekerheid dreigt, nu deze werden vastgesteld zonder voorafgaande plan-MER.

Minister van Omgeving, Natuur en Landbouw (Joke Schauvliege) liet inmiddels optekenen dat vanaf heden nieuwe stedenbouwkundige verordeningen uit voorzorg moeten worden voorafgegaan door een plan-MER. Met een decretaal ingrijpen wordt vooralsnog gewacht op de eindarresten in diverse voor de Raad van State en de Raad voor Vergunningsbetwistingen hangende procedures.

Voor meer informatie, contacteer Bjorn Cloots.

Gepubliceerd in: Juridisch nieuws

Experts